Categorie archief: Blog Anouk

Afscheid

Hokmaatjes

Op zaterdag begon onze laatste werkdag. We waren in twee weken tijd erg veel van iedereen gaan houden, dus hebben we deze dag besteed aan het fotos’s maken en knuffelen van alle honden. Het was niet gemakkelijk om straks weer naar huis te keren en alle lieve snuitjes achter te laten: en ook al hadden we aan vrijwel alle honden beloofd dat we ze mee naar huis zouden nemen, we wisten dat dit niet zo’n goed idee zou zijn. Het is moeilijk voor te stellen dat veel Ribercanbewoners meerdere jaren slijten in het asiel, terwijl ze stuk voor stuk zo ontzettend lief zijn. We hebben in twee weken tijd een hoop nieuwe hondenvriendjes gemaakt, maar nu was het alweer tijd om ze gedag te zeggen. Ben heeft ruim een uur besteed aan het knuffelen van Turia, zijn grootste vriendin, en ik wilde niets liever dan huilen toen ik ’s avonds Oslo zijn hok in probeerde te sturen, terwijl Oslo me verwachtingsvol aankeek of ik nog even met hem wilde spelen.

Turia met Ben

Ben en Turia

Hokmaatjes

Hokmaatjes

Vlak voor ons vertrek, toen we nog een alle laatste aai aan de Wachters bij de poort gaven, begonnen alle honden plotseling te janken en te huilen. Het zal om het slechte weer zijn geweest, of om de nog heersende onrust in de hokken, maar voor ons voelde het alsof de honden zich net zo verslagen en verdrietig voelden als wij en ze nog even wilden laten weten dat zij ons ook zullen missen.
Voor de laatste keer reden we terug naar huis, om de volgende dag ook daar afscheid van te nemen. Op zondag hebben we onze spullen ingepakt en nog genoten van het laatste terrasje in de avondzon, terwijl we proostten op alle schatjes die we zo zouden gaan missen.

Nu, bijna een week later, zijn we weer thuis. We zijn nog erg moe van ons avontuur, maar gelukkig dwingen de katten ons om een groot deel van de dag op de bank met ze te knuffelen. Al met al kunnen we terugkijken op twee fantastische weken, waarin we veel nieuwe ervaringen op hebben gedaan, veel hebben geleerd over het Spaanse asielleven en veel nieuwe hondenvriendjes hebben gemaakt. Het was heel erg fijn om alle hardwerkende mensen en toffe honden bij Ribercan te kunnen helpen en, zonder twijfel, we komen graag nog een keertje terug!

 

De tweede week

Chico

Nu alle hoognodige klusjes waren uitgevoerd, waren we vrij om te doen wat we wilden. Toen we vervolgens plichtsgetrouw een emmer met water en ontsmettingsmiddel pakten om de hondenhuisjes van binnen echt goed schoon te maken, deelde Patricia ons de woorden ‘cleaning: necessary, walking with the dogs: more necessary’ mee. Zodoende hebben we deze tweede week voornamelijk veel met de honden gewandeld. Dit was erg leuk om te doen: hoe oud of verlegen de honden die we meenamen ook waren, we zagen ze allemaal volledig opbloeien van een wandeling op de paden buiten de hekken van het asiel.

Het was geen gemakkelijke opgave om de honden, tussen tientallen andere enthousiaste wandelkandidaten, aan te lijnen en het was nog ingewikkelder om de aangelijnde geluksvogel naar buiten te krijgen, zonder dat de rest ook mee naar buiten liep. De meeste tijd waren we dan ook kwijt aan het streng toespreken van Massai, die zich elke keer vastbeet in de riem (later bleek dat dit niet zo veel zin had, omdat Massai doof is), het wegduwen van de rij honden voor het hek en het wegsturen van honden die zich toch door het hek hadden gewringt. Bij dit laatste kregen we de hulp van Manny en Theon, die nog al tijd hun uiterste best deden om de poort die daadwerkelijk als uitgang diende, te bewaken.
Toch bleek deze opgave elke keer volledig de moeite waard, als we eenmaal aan het lopen waren. De meeste honden hadden eerst een paar minuten nodig om volledig uit hun dak te gaan van al deze persoonlijke aandacht, waarna ze de rest van de wandeling braaf en blij mee liepen. In het begin vonden we het spannend om de honden mee te nemen die we niet zo goed kenden. Al snel bleek dat deze angst ongegrond was en dat vrijwel alle honden gemakkelijk mee konden, zonder dat ze ontsnapten, ons omver trokken of onhandelbaar werden. Al snel namen we dan ook de grote bejaarde honden, de blaffende hokzitters en de verlegen podenco’s (al dan niet aan een tuigje, nadat de eerste zich al na een minuut uit de riem had bevrijd) mee. Alhoewel we sowieso door de meeste viervoeters al erg geliefd waren, werden we door het uitlaten pas écht razend populair. Zodra we de riemen pakten, probeerden Haima en Khal (een al wat oudere, meestal erg rustige reu) aan één stuk door tegen ons op te springen. Chico, een klein jong blondje kwam na de eerste wandeling al niet meer tussen onze voeten vandaan en Electra, Diva en Kia, drie wat kleinere podenco’s die zich, ondanks hun voorliefde voor knuffelen, meestal niet in de drukke hondenmenigte mengden, stonden nu opeens tussen alle andere drukke kwispelstaarten.

Chico

Chico

Electra

Anouk en Electra

Naast deze pret-uitjes liepen we deze dagen ook een paar keer mee met Ximo. Ximo komt een aantal keer per week langs bij Ribercan, om een aantal honden in het asiel te trainen. Dit gaat dan voornamelijk om de honden die een eventueel risico kunnen vormen door agressief gedrag en jonge, intelligente honden die wat uitdaging en structuur nodig hebben. Ximo heeft ons in korte tijd veel geleerd en laten zien: hij toonde hoe hij het trekken aan de riem afleert, hoe hij commando’s zoals zitten en liggen aanleert, en hoe hij de honden kalm en gehoorzaam laat zijn. Dit was erg interessant en het was mooi om te zien hoe Draco, maar ook Bran en Tattoo, twee staffords die regelmatig bonje hadden met de rest van de honden, duidelijk minder drakerig gedrag gingen vertonen door deze sturing (ook als Ximo er niet was). De leukste lessen waren echter met Max: een intelligente en jonge, maar kalme hond. Max had in het asiel al meer commando’s onder de knie gekregen dan de meeste honden die ik in Nederland tegenkom: erg bijzonder. Daarnaast had Max door zijn rust en voorbeeldige gedrag een erg goede uitwerking op de andere honden die les kregen, waardoor de bofkont meestal voor lange tijd buiten de hekken van Ribercan verbleef.

Max

Max

Borstelproject

Borstelproject

De donderdag- en vrijdagochtend moest Patricia naar de dierenarts met een aantal honden en puppies. Dat betekende dat ze minder tijd had voor de werkzaamheden in het asiel en wij haar een handje hielpen. We hebben hokken geschrobd, voerbakken bijgevuld en water ververst. De meeste hokken die ’s ochtends onder handen worden genomen, worden bewoond door wat meer teruggetrokken honden. Nu we wat meer tijd doorbrachten in deze hokken, werd onze aanwezigheid stukje bij beetje meer gewaardeerd en bleken de meesten grote knuffelberen te zijn. Ook vonden we nog een mooi borstelproject: een hond die zich tegen wil en dank uiteindelijk wel liet borstelen, zolang hij maar in zijn mand kon blijven liggen. Het was duidelijk dat niet alleen de honden een stuk zekerder naar ons werden in de loop der tijd, maar wij ook naar de honden. De eerste dagen liep ik nog met een grote boog om bange en onvoorspelbare honden heen, nu zat ik een half uur lang een hond te borstelen die mij met grote ogen aanstaarde en keek alsof hij me elk moment kon gaan opeten.

Volgend blog: Afscheid

Het einde van week 1

Papaya

Na een paar erg leuke, maar ook vermoeiende dagen, hadden we op vrijdag een dagje vrij. We mochten zelf beslissen wanneer we vrij wilden, wat wel erg prettig was. We hebben wat opgeruimd, waar we doordeweeks niet zo veel aan toe waren gekomen, en onze kleding gewassen. Dat was hard nodig, omdat het terrein van het asiel nogal modderig is en dat, grotendeels via de hondenpoten, ook onze kleding, armen en benen modderig maakte. Ook onze haren waren flink aangetast: onze hoofden hadden ondertussen een net zo stugge, stoffige en naar asiel ruikende vacht als alle honden (mocht je je af vragen hoe dit ruikt: hetzelfde als een natte hondenvacht na een lange wandeling in de regen, vermengd met een vleugje hondenpoep).

’s Avonds zijn we nog even het dorp in geweest en hebben we erover nagedacht om richting de bergen te lopen die overal rondom het dorp zijn. We hebben uiteindelijk toch maar besloten dit niet te doen en onze energie voor de komende week te bewaren. Gelukkig is op een terrasje zitten ook helemaal geen straf in het warme Spanje.
In het weekend wordt Ribercan draaiende gehouden door een groep vrijwilligers. Dat betekende dat ook wij ons deze dagen wat meer bezig hielden met de ‘standaard’ werkzaamheden in het asiel, zoals het opruimen van de poep (en de vermoorde ratten: er is een klein aantal honden wat zijn dagen in het asiel slijt met het staren naar rattenholen, totdat er een ongelukkig knager zich op het terrein waagt), het voeren van de honden en het verversen van het drinkwater. Dit laatste leverde nog wel eens komische momenten op, omdat er een paar honden waren die het drinken van stromend water erg aangenaam vonden. Zo waren we soms een aantal minuten bezig met het vullen van een waterbak, terwijl Haima, een erg zachtaardig en intelligent teefje de helft van het water wat we in de emmer goten met haar tong opving.

Omdat we vandaag met zes mensen waren, was er tijd genoeg om de honden wat extra aandacht te geven. Zo werd er een grote bak water voor ze neergezet, waarin ze hun poten, buiken en snuiten wat konden afkoelen. De meesten vonden dit erg fijn en het was erg prettig om ze zo te zien genieten. De honden die er wat vertwijfeld bij stonden, moedigden we aan om ook door het water te gaan banjeren. De meesten werden hier alsnog enthousiast van, behalve Banshy. Deze viervoeter, die we meestal ‘de dikke hyena’ noemden, omdat hij qua uiterlijk op een, je raad het al, dikke hyena leek, had een nogal rustig karakter. Terwijl we hem met hoge en blije stemmen aanmoedigden om wat af te koelen, bleef hij ons stoïcijns aankijken en zelfs toen hij even later toch in het water stond en we het water met onze handen tegen zijn buik aan lieten komen, verroerde hij geen vin. Pas één van de laatste dagen, toen hij zijn dagelijkse knuffelbeurt kwam halen, zagen we hem met een brede grijns op zijn snuit.

Banshy

Banshy

Papaya

Papaya

Alhoewel we dagelijks een heleboel blije hondengezichten zagen (de meeste honden konden niet grijnzen zoals Banshy), was het elke dag ook wel schrijnend om te zien dat er in het asiel zelfs voor de meest aanwezige honden geen tijd genoeg was om ze genoeg aandacht te geven, laat staan voor de honden die meestal in het hok bleven zitten.

Volgend blog: De tweede week

Eerste dagen bij Ribercan

Moon en Coco

Op maandagochtend werden we om 9.00 uur opgehaald door Patricia. Patricia werkt op werkdagen in de ochtend bij Ribercan. Omdat ze het elke dag erg druk heeft, vroeg ze ons de eerste week wat klusjes te doen die hoognodig waren, maar waar niemand aan toe was gekomen. Onze eerste taak was het schoonmaken van alle hondenoren. Gewapend met doekjes, snoepjes en een vuilniszak liepen we het eerste hok in, een beetje gespannen omdat we niet het gevoel hadden dat de honden het schoonmaken van de oren ook een goed idee vonden. Tot onze verbazing lieten de meeste dieren het gewoon toe dat we doekjes in hun oren duwden en geen één hond toonde agressief gedrag. Al snel vonden we het een aangename bezigheid om alle snuitjes vast te houden en even wat aandacht te geven.

Rond 12 uur bracht Patricia ons weer naar huis, waarna we boodschappen gingen doen in het dorp. De winkel zat op nog geen 10 minuten lopen, wat erg prettig was, omdat we nogal honger hadden van het werk. Al snel besloten we dan ook om het ‘warme eten’ voortaan naar de middag te verplaatsen.
Tegen 4 uur hadden we goed gegeten en waren we lekker uitgerust. Nu kwam Alfonso ons ophalen, de vaste werknemer die, meestal in gezelschap van een dierenarts, de honden ’s middags verzorgt. ’s Middag worden alle honden uit het hok gelaten, zodat ze kunnen dollen, rennen en spelen op het grote ‘plein’ waar alle hokken omheen staan. Het leek ons niet zo praktisch om in deze omstandigheden verder te gaan met onze ochtendtaak en daarom gingen we verder met het borstelen. Nu we de honden iets beter kenden, was het al wat gemakkelijker om de ware borstelprojecten uit te kammen: de iets schuwere honden, of honden die gewoon écht niet van borstelen hielden, die vol met losse haren hingen. Zodoende maakten we kennis met Alma, een verlegen collie met erg veel klitten, Moon, een bejaarde dame die dol is op aaien en spelen, en een aantal ‘opa-honden’, die meestal slapend ofwel blaffend in hun hok zaten, maar als je het kwam brengen, een knuffel erg waardeerden.

De volgende dag gingen we verder met het schoonmaken van de oren. Al na een paar minuten leerden we één van de belangrijkste lessen in het asiel: leg nooit spullen die niet voor de honden bedoeld zijn op een lage plek. Terwijl ik bezig was met de oren van een hond die nogal erg veel op een dingo leek, zag ik opeens zijn hokmaatje Chico met een doekje lopen. Ik keek naar de vuilniszak, waar ondertussen ook een andere bewoner, Coral stond. Ik haalde snel de zak voor haar neus weg, maar alle drie de honden hadden de smaak al te pakken: wat volgde was een groot enthousiasme, geroep van mijn kant, drie paar tanden in de vuilniszak en binnen een paar seconden een hok vol orendoekjes en vuilniszaksnippers.

Coral

Coral

Moon en Coco

Moon en Coco

In de middag gingen we verder met wat rustgevender werk: het borstelen van Manny en Theon. Twee grote, rustige broers, die we ‘de Wachters’ noemden, omdat ze een hok deelden bij de poort van het asiel, waar ze alle mensen met een knuffel en alle andere honden met een snauw ontvingen. Theon en Manny waren ware haarballen, maar lieten zich de afgelopen dagen niet borstelen. Nu hadden we alle tijd om bij ze te gaan zitten en ze te aaien. Deze kalmte deed ze goed, waardoor we, na een 30 minuten durende borstelkuffelsessie, de dag eindigden met een emmer vol haren.

Op woensdag poetsten we de laatste oren uit en gingen we vervolgens verder met wat anders: het schoonmaken van de hondenhuisjes en manden die in elk hok staan. Deze schoonmaaktaak bestond voor twee derde uit het verwijderen van stof en rattenpoep. Er wonen minstens net zo veel ratten als honden in Ribercan en de daken van alle huisjes lagen vol keutels. Het schoonvegen was geen pretje: na één hok zaten onze neuzen, longen en haren vol stof. Naast het vegen, moesten de slaapplekken ook worden gedweild. Hierbij werden we goed geholpen door Sane (door Patricia en ons ook wel Coco genoemd), een nogal dikke labrador die telkens zijn bal in de dweilemmer legde, waarna we deze weer voor hem weg moesten gooien. Coco heeft dit twee weken bijna non-stop vol gehouden: bij gebrek aan een emmer met water, voldeed een emmer met hondenpoep ook prima om de bal in te leggen.

Tot en met donderdagmiddag waren we bezig met het schoonmaken van de hokken. Vanwege het stof en de warmte was dit een nogal zware taak. Aan de andere kant zagen we ook dat het hard nodig was om alle hokken een goede schoonmaakbeurt te geven, en liet ook Patricia ons meerdere keren weten hoe dankbaar ze was voor onze hulp. Ook de honden toonden hun dankbaarheid door er vandoor te gaan met de bezem en met z’n drieën bij ons te gaan zitten in een krap hondenhok. We wezen de honden op deze slechte werkhouding door ze tussen het schoonmaken door flink te knuffelen.

Labrador hok 4

Donderdagavond sloten we onze eerste werkweek af met het waken over een jonge puppy. Een vrijwilliger die doordeweeks regelmatig langskwam, had de kleine donder gevonden langs de kant van de weg. Vanwege zijn vatbaarheid voor ziektes, pasten we voor de deuren van Ribercan op het magere hondje. Het dumpen van puppies is in Spanje helaas een stuk gebruikelijker dan bij ons, iets wat erg moeilijk voor te stellen is op het moment dat je zo’n beestje op je schoot hebt liggen. Dit kleine jochie heeft dan ook het geluk gehad om nog op tijd gevonden te worden en een paar dagen later werd ons verteld dat hij ook al een huisje had gevonden.

Volgend blog: Het einde van week 1

Dag 1: Aankomst in Spanje

Diva, Neox, Draco etc.

Zondag 15 mei: We staan op het vliegveld van Valencia en ik vraag me af of ik het nu zo warm heb vanwege de brandende zon of vanwege de zenuwen. Binnen een half uurtje zullen mijn vriend Ben en ik worden opgehaald door drie vrijwilligers van Ribercan: een asiel zo’n 50 kilometer onder de stad Valencia, waar we de komende twee weken als vrijwilligers aan de slag zullen gaan. Ik denk na over hoe de mensen die we straks gaan ontmoeten zullen zijn, hoe het huis waar we gaan overnachten eruitziet en hoe de honden en de werkzaamheden in het asiel ons gaan bevallen.

Al die zorgen zouden in de loop van de dag verdwijnen: nadat we een uurtje later onze koffers in ons tijdelijke huis hadden achtergelaten, werden we uitgenodigd voor een uitgebreide lunch en leerden we iedereen een stuk beter kennen. Omdat onze kennis van de Spaanse taal nogal beperkt is, verliepen alle gesprekken via Laia, een vrijwilligster die goed Engels spreekt. Rond 16.00 uur gingen we dan uiteindelijk naar het asiel van Ribercan.
Toen we aan kwamen rijden, hoorden we al snel het geblaf van zo’n 80 enthousiaste honden. Eenmaal binnen werden vrijwel alle hokken geopend en kwam een groot deel van de honden, al dan niet uitgebreid, kennismaken.

We werden gevraagd om de honden te borstelen (vanwege de wisseling van winter- naar zomervacht leken de meeste honden voor 99% uit vacht te bestaan), en nog een beetje onwennig gingen we aan de slag. Alhoewel we vandaag, op een handjevol heel angstige honden, iedereen al een keer aan onze handen hadden laten snuffelen, zouden we pas in de loop van de komende 14 dagen alle honden écht leren kennen. Nu was het nog een hele opgave om alle viervoeters uit elkaar te houden en lukte het alleen maar om de meest aanwezige honden te borstelen. Deze ‘fans van het eerste uur’ waren een erg gevarieerd groepje van honden. Zo was er Oslo, een grote lobbes die constant met een tennisbal in zijn bek bij onze voeten stond, maar de tennisbal nooit los wilde laten, en Draco, een zwarte jonge reu die zijn naam eer aan deed door elk mogelijk denkbaar kattenkwaad uit te halen. Ook een aantal rustigere honden genoot van onze aandacht, zoals Turia en Iris, twee grote podenco’s die niets liever doen dan knuffelen, en Lennon, tevens een knuffelbeer, maar met de speelsheid van een dolle puppy.

Oslo

Oslo

DRACO

Draco

Na een aantal uur gingen we dan ook moe maar voldaan terug naar huis. De eigenaresse van het huis (en tevens het asiel) had een aantal boodschappen voor ons gedaan, omdat vandaag de winkels dicht waren. Morgen zou ze, samen met haar Engelssprekende kleinzoon, langskomen om ons wat verder wegwijs te maken in het huis en het dorp. Toen we rond 10 uur ’s avond nog even op het balkon aan het genieten waren van de avondwarmte, konden we dan ook terugkijken op een geslaagde dag: we hadden vriendelijke en hartelijke mensen ontmoet en Ribercan wordt bewoond door toffe en lieve dieren. Onze schoenen waren nu al onomkeerbaar modderig en vies geworden en ik had nog nooit op één dag zo veel hondenkusjes gekregen.

Turia op tafel

Turia

Volgend blog: Eerste dagen bij Ribercan