De tweede week

Chico

Nu alle hoognodige klusjes waren uitgevoerd, waren we vrij om te doen wat we wilden. Toen we vervolgens plichtsgetrouw een emmer met water en ontsmettingsmiddel pakten om de hondenhuisjes van binnen echt goed schoon te maken, deelde Patricia ons de woorden ‘cleaning: necessary, walking with the dogs: more necessary’ mee. Zodoende hebben we deze tweede week voornamelijk veel met de honden gewandeld. Dit was erg leuk om te doen: hoe oud of verlegen de honden die we meenamen ook waren, we zagen ze allemaal volledig opbloeien van een wandeling op de paden buiten de hekken van het asiel.

Het was geen gemakkelijke opgave om de honden, tussen tientallen andere enthousiaste wandelkandidaten, aan te lijnen en het was nog ingewikkelder om de aangelijnde geluksvogel naar buiten te krijgen, zonder dat de rest ook mee naar buiten liep. De meeste tijd waren we dan ook kwijt aan het streng toespreken van Massai, die zich elke keer vastbeet in de riem (later bleek dat dit niet zo veel zin had, omdat Massai doof is), het wegduwen van de rij honden voor het hek en het wegsturen van honden die zich toch door het hek hadden gewringt. Bij dit laatste kregen we de hulp van Manny en Theon, die nog al tijd hun uiterste best deden om de poort die daadwerkelijk als uitgang diende, te bewaken.
Toch bleek deze opgave elke keer volledig de moeite waard, als we eenmaal aan het lopen waren. De meeste honden hadden eerst een paar minuten nodig om volledig uit hun dak te gaan van al deze persoonlijke aandacht, waarna ze de rest van de wandeling braaf en blij mee liepen. In het begin vonden we het spannend om de honden mee te nemen die we niet zo goed kenden. Al snel bleek dat deze angst ongegrond was en dat vrijwel alle honden gemakkelijk mee konden, zonder dat ze ontsnapten, ons omver trokken of onhandelbaar werden. Al snel namen we dan ook de grote bejaarde honden, de blaffende hokzitters en de verlegen podenco’s (al dan niet aan een tuigje, nadat de eerste zich al na een minuut uit de riem had bevrijd) mee. Alhoewel we sowieso door de meeste viervoeters al erg geliefd waren, werden we door het uitlaten pas écht razend populair. Zodra we de riemen pakten, probeerden Haima en Khal (een al wat oudere, meestal erg rustige reu) aan één stuk door tegen ons op te springen. Chico, een klein jong blondje kwam na de eerste wandeling al niet meer tussen onze voeten vandaan en Electra, Diva en Kia, drie wat kleinere podenco’s die zich, ondanks hun voorliefde voor knuffelen, meestal niet in de drukke hondenmenigte mengden, stonden nu opeens tussen alle andere drukke kwispelstaarten.

Chico

Chico

Electra

Anouk en Electra

Naast deze pret-uitjes liepen we deze dagen ook een paar keer mee met Ximo. Ximo komt een aantal keer per week langs bij Ribercan, om een aantal honden in het asiel te trainen. Dit gaat dan voornamelijk om de honden die een eventueel risico kunnen vormen door agressief gedrag en jonge, intelligente honden die wat uitdaging en structuur nodig hebben. Ximo heeft ons in korte tijd veel geleerd en laten zien: hij toonde hoe hij het trekken aan de riem afleert, hoe hij commando’s zoals zitten en liggen aanleert, en hoe hij de honden kalm en gehoorzaam laat zijn. Dit was erg interessant en het was mooi om te zien hoe Draco, maar ook Bran en Tattoo, twee staffords die regelmatig bonje hadden met de rest van de honden, duidelijk minder drakerig gedrag gingen vertonen door deze sturing (ook als Ximo er niet was). De leukste lessen waren echter met Max: een intelligente en jonge, maar kalme hond. Max had in het asiel al meer commando’s onder de knie gekregen dan de meeste honden die ik in Nederland tegenkom: erg bijzonder. Daarnaast had Max door zijn rust en voorbeeldige gedrag een erg goede uitwerking op de andere honden die les kregen, waardoor de bofkont meestal voor lange tijd buiten de hekken van Ribercan verbleef.

Max

Max

Borstelproject

Borstelproject

De donderdag- en vrijdagochtend moest Patricia naar de dierenarts met een aantal honden en puppies. Dat betekende dat ze minder tijd had voor de werkzaamheden in het asiel en wij haar een handje hielpen. We hebben hokken geschrobd, voerbakken bijgevuld en water ververst. De meeste hokken die ’s ochtends onder handen worden genomen, worden bewoond door wat meer teruggetrokken honden. Nu we wat meer tijd doorbrachten in deze hokken, werd onze aanwezigheid stukje bij beetje meer gewaardeerd en bleken de meesten grote knuffelberen te zijn. Ook vonden we nog een mooi borstelproject: een hond die zich tegen wil en dank uiteindelijk wel liet borstelen, zolang hij maar in zijn mand kon blijven liggen. Het was duidelijk dat niet alleen de honden een stuk zekerder naar ons werden in de loop der tijd, maar wij ook naar de honden. De eerste dagen liep ik nog met een grote boog om bange en onvoorspelbare honden heen, nu zat ik een half uur lang een hond te borstelen die mij met grote ogen aanstaarde en keek alsof hij me elk moment kon gaan opeten.

Volgend blog: Afscheid